Op 31 januari 2011 heeft de Minister de beleidsbrief “Naar passend onderwijs” aan de Tweede Kamer gestuurd. In de brief worden de beleidsvoornemens geformuleerd over het wettelijk kader Passend onderwijs en de invulling van de bezuinigingstaakstelling van € 300 miljoen van het kabinet. In 2 bijlagen: “Wettelijk kader passend onderwijs” en “Invulling taakstelling passend onderwijs” wordt een en ander verder uitgewerkt.
De voorstellen zijn complex en omvangrijk. Ook op de scholengroep krijgen we te maken met de consequenties van de nieuwe wetgeving. De planning is dat deze van kracht wordt op 1 augustus 2012. Voor belangstellenden is via internet op diverse plaatsen de volledige beleidsbrief met bijlagen terug te vinden. De hoofdlijnen:
* Wet treedt in werking op 1 augustus 2012; er is sprake van een overgangstermijn tot 2018/2019.
* Scholen krijgen vanaf 1-8-2012 zorgplicht: de school moet zorgen voor onderwijsplek voor elke aangemelde leerling.
* VO-scholen zijn onderdeel van een door de overheid vastgesteld en geografisch afgebakend samenwerkingsverband passend onderwijs. Ook cluster 3 en cluster 4 scholen maken onderdeel uit van dit samenwerkingsverband. (De rec’s en Commissies van indicatiestelling worden opgeheven)
* Samenwerkingsverband wordt “extra bestuurslaag” met landelijk vastgesteld zorgbudget voor leerlingen uit de eigen regio met behoefte aan extra zorg. Hieruit wordt ook de extra bekostiging van leerlingen in het speciaal onderwijs betaald.
* Als het zorgbudget van het samenwerkingsverband onvoldoende is wordt het tekort in mindering gebracht op het budget van de scholen.
* Vooralsnog blijven, wel met invoering van budgetfinanciering, de huidige procedure en regelgeving rondom LWOO en PRO gehandhaafd. Budgetfinanciering betekent hierbij dat bijvoorbeeld bij toename van 10% leerlingen LWOO de extra bekostiging per individuele leerling met 10% afneemt.
In de beleidsbrief worden tevens uitspraken gedaan over de in het regeerakkoord opgenomen bezuinigingen van 300 miljoen. Inzet van het kabinet is dat deze inwerking treden op 1 augustus 2012. De bezuinigingen sluiten daarbij aan op de volgende drie uitgangspunten:
* Bezuinigingen op bureaucratie projecten en aanvullende bekostiging: 124,7 miljoen
* Minder uitgaven aan ambulante begeleiding: 90,8 miljoen
* Besparen door grotere klassen in het (voortgezet) speciaal onderwijs: 84,5 miljoen
Totaal: 300 miljoen
Bij de voorbereidingen van deze maatregelen was in onderwijsland in eerste instantie redelijk draagvlak. In verband met beheersbaarheid van kosten en de intentie om, ongeacht de zorgbehoefte, aan ieder kind zo goed mogelijk onderwijs te bieden, moest het huidige stelsel wel worden aangepast.
Ik vraag mij echter af of de invoering van dit nieuwe stelsel en de aangekondigde gelijktijdige bezuiniging wel samen kunnen gaan. Normaal leidt invoering van een nieuw stelsel, zeker in de aanloopfase en in het begin, tot extra kosten. Ik plaats vraagtekens bij het draagvlak in het onderwijsveld voor de invoering van passend onderwijs nu het kabinet kiest voor de combinatie van invoering passend onderwijs en een bezuiniging van 300 miljoen.
Op de werkvloer zullen wij ons er in ieder geval op moeten voorbereiden, dat meer leerlingen met extra zorgbehoefte in het reguliere onderwijs hun onderwijs zullen moeten volgen. Samen zullen we de komende tijd moeten onderzoeken hoe en met welke voorzieningen voor extra ondersteuning van leerling en/of docent dat kan worden ingevuld.
U leest/hoort ongetwijfeld de komende tijd meer over passend onderwijs.
F. Coppens